Colofon >>>

Disclaimer >>>

 
  Laatste update:

dinsdag 23 november 2010

Nieuws

 

 

Bestuur

Bestuurszaken

Statuten / HHR

Lidmaatschap

Donateurs

Belangrijke organisaties

Links leden

Inlog leden

Rasvereniging / Rassen

Gezondheid

Genetica

Publicaties

Aanvullende informatie

Overlijden

 

 

 

 

 

Andere kijk op agressief gedrag bij honden

Uit wetenschappelijk onderzoek van Hannah Johnson hannah.johnson@bristol.ac.uk, 44-117-928-8896, University of Bristol, gepubliceerd in Eurekalert.

In tegenstelling tot algemeen geaccepteerde aannames en populair geloof onder hondenbezitters, heeft de Universiteit van Bristol, afdeling klinische diergeneeskunde, in het Journal of Veterinary Behavior, aangetoond dat er een andere verklaring is voor agressief gedrag van honden dan gebaseerd op het ‘dominantie’ principe.

Zij stellen dat agressief gedrag bij honden NIET voortkomt uit het trachten dominant te zijn over de mensen en de andere honden in huis. Agressieve honden streven in hun redenering en onderzoek niet naar het worden van de leider van de roedel.

De onderzoekers onder leiding van Hanna Johnson hebben zes maanden doorgebracht in een Dierenopvang en herplaatsinghuis, waar met name honden die zogenaamd agressief waren en niet langer thuis gehouden konden worden, werden opgevangen. Zij hebben vele data verzameld en deze opnieuw en grondig geanalyseerd. Vooral hebben de onderzoekers gekeken naar de interacties en relaties tussen individuele honden gekeken in dat herplaatsinghuis.

Zo kwamen zij tot een eerste conclusie dat honden relaties leren aangaan met andere honden op basis van ‘ervaren’. Zij leren dus, net als mensen, om aan de hand van bepaald gedrag en de reactie daarop, voor zichzelf uit te maken wat gewenst en ongewenst gedrag is.

Ten tweede concludeerden de onderzoekers dat de motivatie om relaties aan te gaan met andere honden, zelden gemotiveerd wordt door de drijfveer om de ‘baas te worden’ of de ‘dominantie te bestendigen’.

In hun publicatie van het onderzoek ‘Dominance in domestic dogs usefull construct or bad habit?’ wordt gesteld dat honden hun gedrag niet uitspelen of motiveren om de plaats in de roedel of de pikorde te behouden of bestendigen. Deze vorm van naar hondengedrag kijken is zo algemeen geaccepteerd en zo ingesleten in het dagelijks spraakgebruik, dat bijna alle hondentrainers er op deze manier naar kijken en hun puppy’s en volwassen honden bij cursisten op die manier benaderen.

De onderzoekers verwerpen deze manier van denken.

Sterker nog, de onderzoekers adviseren trainers om deze manier van denken helemaal los te laten. Zij stellen dat de insteek om dominantie gedrag terug te brengen, te onderdrukken of te reduceren, in het beste geval geen effect heeft, en het slechtste geval het ongewenste gedrag van de hond alleen maar erger maakt.

Als voorbeeld noemen zij het aanleren van gedrags aan de eigenaren van de hond, zoals:

  • Eerst zelf eten en dan de hond voeren

  • Altijd als eerste door de deur gaan

  • Zich groot maken ten opzichte van de hond

  • etc.

Wat het dier geleerd wordt is volgens de onderzoekers dat hij weet wat er in deze situatie van hem/haar verwacht wordt, maar het heeft geen enkel effect op agressief gedrag. Honden zijn gewoontedieren en zullen dit dus als een gewoonte gaan zien, voor zowel de eigenaar als de hond zelf.

Andere nog veel zwaardere technieken die nu ingezet worden om agressief of dominant gedrag te onderdrukken zijn bijvoorbeeld:

  • de hond op de grond drukken

  • de hond op zijn buik rollen

  • de hond bij de keel grijpen

  • harde geluiden inzetten

  • etc.

Deze technieken hebben veelal het omgekeerde en dus ongewenste effect dat de hond bang wordt van zijn eigenaar, of juist nog bozer wordt op de eigenaar, omdat hij het gedrag vanuit hondentaal niet begrijpt. De relatie tussen de eigenaar en de hond zal dus alleen maar verslechteren. En niet zelden leiden tot een escalatie van de agressie.

Dr. Rachel Casey, senior onderzoeker aan de Universiteit van Bristol zegt dat de ongefundeerde aanname dat iedere hond zijn gedrag motiveert om controle te krijgen over andere honden en over zijn eigenaren en baasjes, is compleet ridicuul en idioot. Om te beginnen zijn honden sociale dieren die onderlinge relaties heel belangrijk vinden. En die bovendien van onderlinge relaties in een roedel afhankelijk zijn. Honden steken dus veel tijd en energie in het ontwikkelen van het leren hoe relaties aan te gaan en te onderhouden.

Maar bovendien gaat de algemene aanname van dominantie streven uit van een grove onderschatting van de ingewikkelde en complexe leermogelijkheden die honden kenmerken. En wordt ook voorbij gegaan aan de bij mensen vaak onbekende subtiele signalen die honden in non-verbale communicatie naar elkaar uitzenden en die zij onderling begrijpen. Mensen zijn vaker het probleem vanwege hun gebrek aan begrip van de non-verbale hondentaal. Honden zijn, volgens mevrouw Casey, dus actieve ervaringsleerders en zeer goede communicatoren. Mensen onderschatten dit hopeloos.

De huidige gedachtegang dat alle gedrag van honden terug te brengen is op dominantiegestuurde motivatie is dus onzin, maar bovendien helpt het inzetten van technieken om zogenaamd dominant gedrag te temperen op basis van dit uitgangspunt niet. Het brengt zulk agressief gedrag voort, of vergroot het agressief gedrag.

Mevrouw Casey zegt dat we dus anders naar hondengedrag moeten gaan kijken, want het welbevinden van honden komt via deze behandelmethode onder druk te staan.

In het onderzoek in het herplaatsinghuis, zo stelt mevrouw Casey, kwamen we tot de conclusie dat agressieve honden gedrag gingen vertonen dat wij noemen ‘anticiperen op de bestraffing of de straf’. De hond had dus een gedrag ontwikkeld dat gerelateerd is aan de straf die zij moesten ondergaan, en die geen relatie in de hond (meer) had met het agressieve gedrag dat de hond vooraf vertoonde. Honden hadden dus wel de straf onthouden, maar niet de aanleiding voor de straf.

Heel regelmatig zagen de onderzoekers ook dat honden al anticipeerde op straf op het moment dat de eigenaar binnen kwam. Zij verklaarden dit gedrag van de hond als angst voor de eigenaar. Omdat de eigenaar steeds degene is (geweest) die de hond bestrafte voor iets wat hij in zijn ogen niet deed, namelijk dominant willen zijn, ontwikkelde de hond een angst voor de baas.

Wanneer de onderzoekers dit tegen de eigenaren vertelde, schrokken die zich dood. Zij wilde juist contact maken met de hond.

En wanneer de eigenaren verteld werd dat zijn van (sommige) hondentrainers zelf het verkeerde gedrag geleerd hadden, dan wilde zij de relatie met de hond vaak verbeteren of herstellen. Mevrouw Casey maakt ook ernstig bezwaar tegen de zogenaamde TV hondendokters, omdat deze vaak in het patroon en model van dominantie streven denken.

In Engeland wordt de staf van asiels en herplaatsinghuizen meer dan eens geconfronteerd met de gevolgen van misleiden hondenbezitters die hu uiterste best gedaan hebben in de praktijk te brengen wat hen (verkeerd) geleerd wordt. Directeur Chris Laurence van de dierenbescherming in Engeland zegt bij binnenkomst al aan een hond te kunnen zien dat hij opgevoed is binnen het model van dominantie streven. Deze honden staan vaak stijf van de angst voor mensen en vertonen daardoor agressief gedrag.

Chris Laurence draait het hele model zelfs om en zegt: ‘Helaas, vele technieken die gebruikt worden om honden te trainen in het accepteren van de baas als roedelleider is contraproductief. De eigenaar krijgt er geen beter opgevoede hond van, maar het tegendeel ontstaat. De eigenaar eindigt met een hond die zo bang is en zo verschrikt, dat alle natuurlijke hondengedragingen onderdrukt zijn (worden), en de hond verstijft en zich niet meer durft te gedragen. Of juist zo in de war is, dat hij alleen nog maar agressief gedrag kan vertonen.’

Toelichting

Honden zijn zeer sociale dieren die afhankelijk zijn van goede relaties met degene waarmee ze leven en wonen. Zij willen dus ook een goede relatie met hun baas opbouwen, want daarvan zijn ze ook afhankelijk voor voedsel e.d. Honden zijn goede ervaringsleerders, intelligent en slim. Honden communiceren via subtiele signalen die tot uitdrukking komen in lichaamstaal en geluid. Binnen de wereld van de hondentrainingen zullen er dus alternatieve modellen ontwikkeld moeten worden op basis waarvan we mensen gaan leren hoe met honden te communiceren.

En bovendien zullen we anders moeten gaan kijken naar agressief gedrag. De motivatie voor gedrag die nu vooral aan honden worden toegedicht is veel te beperkt. Hondengedrag wordt gemotiveerd door biologische functies als eten, drinken, poepen en piesen. Maar hondengedrag wordt vooral gemotiveerd door het aangaan van en het behouden van goede sociale relaties met andere honden en met mensen. Zij zijn niet voor niets gedomesticeerd. Mensen zullen dus op een andere manier, dat wil zeggen, veel genuanceerder en met meer begrip voor de complexe gedragingen van honden naar elkaar en naar mensen, moeten gaan kijken. Er moet een nieuwe trainingsmodel ontwikkeld worden dat rekening houdt met zulk gecompliceerd en ingewikkelde sociaal hondengedrag.

U wordt op de hoogte gehouden van nieuwe ontwikkelingen hierin.

 

     

         

 

 

 
 

 

 

 

© Copyright GSB 2010